dinsdag 22 mei 2012

Paardenblikken op de Zijderoute en roze kuikentjes

Op de Zijderoute
Eten en drinken? Check.Tent? Check. Goed weer? Check! De Hua Dian Ba wandelroute (ook wel de Bloemenvallei) loopt over het oude pad van de zuidelijke Zijderoute. Na een boswandeling komen we uit op een uitgestrekte hoogvlakte die tussen de bergruggen verstopt ligt. De wolkjes aan de hemel laten spelende schaduwpartijen achter op het gras; een mooi gezicht. Her en der staat vee te grazen en ook vinden we uit waarom we zo weinig Rhodondendrons zien bloeien. Een oud vrouwtje plukt alle bloemen van de bomen en stopt ze in een rieten mandje! We verstaan elkaar niet, maar ze zal er wel thee van maken. 
De hoogvlakte van Hua Dian Ba
Via een klein smal paadje lopen we aan de andere kant weer een bos in. Tegen de avond vinden we een mooi, verscholen plekje in het bos waar we ons tentje opzetten. Vanuit onze stek, zien we de locals passeren die met hun volgeladen vee teruglopen naar hun huizen in de dorpen beneden. Een wandeling die zeker twee uur duurt. Omdat we ons gedeist houden, zien merken de meeste mensen ons niet op, maar de paarden kijken wel allemaal even op. Geinig.
 
Chinese toeristen zijn een
bezienswaardigheid op zich
Na een koude nacht, dalen we de volgende morgen af en nemen een bus terug naar Dali.
Vanuit Dali trekken we verder naar Kunming. Hier vinden we een relaxed Youth Hostel waar we een paar dagen blijven. Het grote dakterras kijkt uit op de neonlampen van de shopping malls en de K-TV´s (karaoke tenten) en we kunnen een potje tafeltennissen en poolen (en in het laatste blijken we echt extreem slecht te zijn).

Funky kuikentjes te koop!
We bezoeken hier de lokale Bird Market, waar ze niet alleen groene, blauwe, paarse en roze kuikentjes verkopen, maar ook vogelspinnen, slangen, schorpioenen, schildpadden, miljoenpoten en kevers zo groot als een hand. Alle dieren zitten in kleine hokjes en iedereen zit er met de neus bovenop. Verder worden er vooral heel veel gadgets verkocht; het blijft natuurlijk wel China. 
Opa is klaar om te vliegeren
Op zondag komen hele families samen in het park. Kleine kinderen crossen rond op mechanische paarden en oude mannen amuseren zich met vliegeren. Omdat het touw 500 meter lang is, zijn ze hier de hele dag mee bezig. De oude vrouwtjes spelen ondertussen cricket.
In het Youth Hostel leren we Gustavo en Amparo kennen uit Colombia. En ook maken we kennis met Laura en John uit de UK, die na hun bezoek aan China per fiets van Istanbul naar Amsterdam gaan.
  De volgende dag nemen we de nachttrein naar Guilin in de regio Xichang. We delen onze coupé met een vriendelijke Chinees op wiens laptop we de film WE kijken. Helaas is de accu op, 5 minuten voor het einde van de film... Wie de film kent, mag ons het einde verklappen! 
Afkoelen aan het water in Guilin

Goed uitgeslapen komen we in het drukkend warme Guilin aan. De luchtvochtigheid is hier enorm hoog en in ons hotel springen we eerst even onder de douche om af te koelen. Ook deze stad is weer erg groot. Het ligt aan de Li-rivier en overal om ons heen rijzen groene, karststeen bulten op tussen de hoogbouw. Een bijzonder gezicht.We proberen in deze hitte niet te veel te bewegen en amuseren ons op een terras met een koud biertje en pizza met mensen-kijken.

Chinese volklore in Guilin
We willen graag ons visum verlengen, dus de volgende dag staan we op de stoep bij de PSB voor de aanvraag. Hier krijgen we te horen dat de verwerking 11 dagen duurt, in plaats van de standaard 5 dagen.
Omdat we ook een nieuw paspoort moeten aanvragen bij de ambassade (de visumpagina´s van ons noodpaspoort zijn al vol), is dit voor ons geen optie (lang verhaal, korte versie). We besluiten om naar het populaire, groene Yangshuo te vertrekken, dat iets lager aan de Li-rivier ligt. Via www.CouchSurfing.com komen we in contact met een Private English Academy waar we ´s avonds twee uur English Corner kunnen geven in ruil tegen kost en inwoning. We zijn benieuwd!

zaterdag 19 mei 2012

Dansende bouwvakkers en véél Chinese toeristen


Sóó civilized!
We zijn klaar voor onze eerste trein ervaring in China... en die brengt ons van Emei naar Xichang. Het instappen lijkt meer op het boarden van een vliegtuig. We gaan eerst door een poortje waar ons kaartje gecontroleerd wordt. Ook de bagage gaat door de scanner; het nieuwe zakmes mag niet mee de trein in, dus Joep is het tweede mes kwijt deze reis. Op het perron worden we vriendelijk op de juiste plek gedirigeerd en als de trein aankomt, staat er bij elke deur een conducteur die nogmaals je kaartje checkt. Elke wagon heeft ook een eigen stewardes die de hele reis eten en drinken verkoopt en de boel opgeruimd houdt. Wanneer we bijna op onze bestemming zijn, worden we zelfs gewaarschuwd, zodat we ons station niet missen. Daar kan de NS nog wat van leren!

Workers Day festival in Xichang

Als we ´s avonds laat in Xichang aankomen, duiken we ons bed in en de volgende dag boeken we meteen een buskaartje  om de dag erop naar Lijiang te reizen; een rit van 10 uur over 300 km hemelsbreed. Bij het busstation in Xichang vinden we een goedkoop, shabby hotelletje. Goed genoeg voor één nacht. Xichang is een grote stad met veel hoogbouw en winkels. Het is ook interessant om het contrast met het oude stadsdeel te zien, waar het tempo heel wat lager ligt. Bijzonder vinden we ook de inloop-tandartsen op straat. Erg hygiënisch lijkt het ons niet... We vinden een groot plein waar een podium is opgebouwd. ´s Avonds begint het steeds drukker te worden en lopen er veel groepen mensen in allerlei kostuums rond.
Steegje in Lijiang
Wij staan lekker nieuwsgierig bij de hekken te kijken en wanneer de show begint, worden we zomaar naar binnen gevraagd en krijgen we twee stoelen aangeboden, inclusief een flesje water, een klapperding en een rood vlaggetje om mee te zwaaien. We vallen op omdat we de enige westerlingen zijn hier (Xichang staat bij niemand op de planning, want er is verder niks te zien). Het blijkt het feest voor de Dag van de Arbeiders te zijn. We worden getrakteerd op allemaal voorstellingen om de ¨Working Class Hero´s´ te eren. Operazangers en dansende bouwvakkers en zo. En uiteraard schitterend vuurwerk! Er zijn veel jongelui die met ons Engels willen babbelen, dus uiteindelijk zien we weinig van de show. Onder de jeugd valt Joeps nieuwe kapsel erg in de smaak, evenals zijn mooie Westerse neus en ook het ´gouden´ haar van Angélique doet het goed.
Cute!
De volgende dag beginnen we aan de busrit van 10 uur, die er 12 worden. Als we ´s avonds in Lijiang (regio Yunnan) aankomen, vinden we een leuk hotelletje in de oude stad. Het koelt hier flink af, want de stad ligt op 2400 meter. Heel fijn dus dat we electrische dekens krijgen hier! Lijiang is een grote stad (alle steden zijn gigantisch in onze ogen) met een kleurrijk, oud en vrij authentiek gedeelte vol met kleine bruggen over grachtjes. Het is hier overladen met Chinese toeristen, maar die zijn wel grappig om naar te kijken.

Angélique aan de rots
Na een lekker slenterdagje in Lijiang nemen we de bus naar Dali. Ook deze stad staat bekend om het oude stadsdeel en tot onze verbazing is het hier nóg toeristischer. Een hoog Disney-gehalte dus. Dali is gelegen aan een gigantisch meer en van alle kanten omringd door bergen. In de omgeving van Dali kan geklommen worden, dus de volgende dag huren we het klimmateriaal bij ClimbDali en na een stevig ontbijt zet Adam, de oprichter van ClimbDali, ons af bij het begin van de Shimenguan kloof. Hier zijn heel wat (nieuwe) routes te vinden. Het weer is prachtig en het is zelfs erg warm om te klimmen.
Pootjes weken na het klimmen!
Ter afsluiting van de klimdag baden we nog even lekker met de voeten in het kristalheldere bergwater. Tijdens onze wandeling terug naar de grote weg, krijgen we een lift van een lokaal echtpaar en een uur later worden we in de stad afgezet. Fijn! ´s Avonds stillen we onze honger in een fijn BBQ-kraampje op straat, erg lekker. 

Rijstvelden bij Dali
De volgende dag verkennen we Dali en omgeving met een wandeling naar het meer via een landbouwgebied waar de locals op het land aan het werk zijn. Mooi om te zien.
We besluiten dat we een trekking in de omliggende bergen gaan doen, waar mooie graslanden en kleine dorpjes in de hogere valleien liggen. Hua Dian Ba heet het gebied, ofwel de Bloemenvallei...!


zondag 13 mei 2012

Panda´s, karaoke en de dikke teen van buddha

 
Dating in het park
Op de luchthaven van Kathmandu wisselen we onze laatste Nepalese Rupees in voor Dollars; het is verboden om deze het land in- en uit te nemen. We hebben tijdens de vlucht naar Kunming uitzicht op de Mount Everest. In Kunming stappen we over en moeten opnieuw door de controle, waar Angélique in haar kruis gegrepen wordt door de check-mevrouw. Dus...? Vanuit Kunming vliegen we door naar Chengdu. Bij aankomst in het hotel blijkt dat we de eersten zijn die via bookings.com hebben geboekt en we krijgen zomaar een gratis taxirit, een gratis drankje en een gratis bezoek aan het Giant Panda Research Center!


Eendje eten?
In Chengdu valt ons meteen op hoe commerciëel en ontwikkeld de stad is. De vrouwen dragen sexy kleren met hoge hakken. Je ziet echt de meest bijzondere outfits en kapsels. In het park staan mensen zonder gêne luidkeels karaoke zingen. Ook doen mensen (jong en oud, hip en ouderwets) met een uitgestreken gezicht een soort supergay aerobics dansje. De overheid schijnt dit te financieren. Hilarisch. In het park is ook een datingpad met een waslijn vol contactadvertenties. Hier is het natuurlijk erg druk. Joep waagt het om in Chengdu naar de kapper te gaan. Het is lastig om een Chinees in het Zerums uit te leggen wat je precies wilt. De meeste mensen hier spreken geen woord Engels... Gelukkig hebben we in Nepal een vertaalboekje gevonden NL-Chinees. Dat is nu goud waard voor ons. Het kapsel is best geslaagd.


Panda knabbelt bamboo
De volgende dag bezoeken we het Giant Panda Breeding Research Center. Angélique kijkt er al een week naar uit... en het is ook echt heel bijzonder. Er rennen rode panda´s rond en er zijn veel reuzenpanda´s met zelfs een paar schattige babypanda´s. We hadden begrepen dat ze niet veel meer doen dan slapen en eten, maar wij zien een stel hyperactieve rondrennende, etende, boomklimmende, koprollende, spelende panda´s. Heel cool.
´s Avonds eten we in Chengdu op straat BBQ stokjes. Dit is een populaire maaltijd en de tentjes zitten overal vol met mensen. Daarna trekken we op het dakterras van ons hotel een fles Chinese wijn open (Great Wall)... en ieks, helaas is die niet te drinken. 

 
Giant Buddha
De volgende dag rijden we naar Leshan om de Giant Buddha te bezoeken. Deze rakker is 70 meter hoog en uit steen gehouwen in een rots die uitkijkt op een rivier. Het is hier superdruk met Chinese toeristen, waarvan vooral de jeugd het enorm kicken vindt om met ons op de foto te staan, en met het bekende ´peace´ teken natuurlijk! We lopen flink wat trappen af om bij de gigantische tenen van de buddha te komen. En daarna weer alle trappen op naar het hoofd van Buddha. Een vermoeiende trip, want het is snikheet. Gelukkig kunnen we daarna uitpuffen in de bus naar onze volgende stop: Mount Emei. Hier spreken we een stel uit Australië , die hebben de wandeling naar de top van Mount Emei al gemaakt. We zijn erg benieuwd hoe deze ons gaat bevallen, want de volledige route naar de top bestaat uit... trappen. Heel veel trappen. Het is in totaal 52 kilometer traplopen! 
Knielen voor buddha
De volgende dag lopen we met onze backpacks trap op, trap af en trap op. Het is weer erg warm. We lopen we door prachtige bossen, komen we voorbij oude tempels en zien we wat aapjes met babies. De Chinezen zelf zijn niet erg van de fysieke activiteit en nemen de kabelbaan naar boven. Bij de plek waar deze aankomt, is het een groot circus met Chinezen die eruit zien alsof ze de Mount Everest gaan beklimmen. Ze lopen een rondje en gaan dan weer met de kabelbaan naar beneden. Tegen de avond komen we aan bij een klooster waar we overnachten. Ter cooling-down lopen we nog even naar een vleermuizengrot iets verderop, waar de vliegende muizen ons om de oren vliegen. Na een goede maaltijd in het sfeervolle, oude klooster luidt een monnik de avondklok in op een gong en kruipen we vroeg in ons bed.
Een van de tempels op Mount Emei
´s Morgens regent het en we wachten een uurtje voor we op pad kunnen. Na het passeren van weer een klooster, zien we een jonge Chinees met een grote aap op zijn rug. We kijken even vreemd op van dit vreemde gezicht; het ziet er zó bizar uit. De aap is bijna net zo groot als de jongen! Wanneer de jongen ´Help me!´ begint te roepen, beseffen we dat de aap niet helemaal gewenst is. We rennen op de jongen af en de aap springt van zijn rug. De Chinees is helemaal van de kaart. De brutale aap heeft alle ritsen van zijn rugzak opengetrokken en de complete inhoud op de grond gegooid op zoek naar eten. Twee meter verderop zit meneer aap rustig te genieten van een zak chips en een pak koekjes. Mission accomplished!
Leo, de apenvriend
We lopen dus niet voor niets met een stok rond en de waarschuwingsbordjes voor ´terrible monkeys´ staan er niet voor de lol. Dankbaar als hij is, vergezelt Leo Kang (zo heet de monkeyman) ons naar de top van de berg. Iedereen die we tegen komen, krijg t vervolgens het broodje aap –verhaal te horen. Bovenop de berg zien we de Golden Temple en Leo wordt gek van blijheid. Hij vindt het prachtig (en wij vinden het superkitsch). We nemen afscheid van Leo en nemen de kabelbaan naar beneden. Dan moeten we nog een uur met een bus, waarin maar liefst 4 mensen moeten overgeven. Heerlijk, die bergslingerweggetjes!

De volgende dag willen we met onze lamme benen de trein nemen naar Xichang, maar helaas is deze al vol. We vinden een goedkoop hotel in de buurt van het station, met uitzicht op een betonmuur (dit zijn de goedkoopste kamers hebben we uitgevonden). Onze eerste week in China zit erop... en is voorbij gevlogen!


Ons maaltje wordt bereid
• In China geldt internet c
ensuur, dus we kunnen hier zelf niets op Blogspot, Picasa, Youtube, Facebook, Twitter etc.. plaatsen. Behalve via een sneaky zijweg dan.
• Het Chinese toerisme is enorm in opkomst, maar buitenlandse toeristen zien we weinig.
• Omdat de Chinezen bijna geen Engels spreken (en wij geen Chinees) proberen we het met gebarentaal. Maar dat werkt niet echt; ze tellen bijvoorbeeld heel anders met de vingers.
• De toiletten hebben hier niet altijd deuren, dus als je binnenloopt zie je mensen meteen in vol ornaat en in volle actie gehurkt zitten. Even slikken. Dat wel.
• De rochel van de Chinees komt van ergens erg diep. En wordt daarna met volle kracht op de grond gedeponeerd. Of in de bus in de prullenbak.

Bekijk de video van de reuzenpanda´s

Foto´s China

maandag 30 april 2012

Rapids, rolls and T-rescues in Nepal

 
Die kinderen hebben nog nooit zo´ n
toffe opblaasboot gezien
In Pokhara willen we gaan paragliden, want daar staat het hier bekend om. Tijdens onze zoektocht naar een leuke paraglide-aanbieding komen we Ross en Cleo tegen, oude bekenden van de Langtang trekking en we spreken af om 's avonds wat te gaan drinken. Al snel wordt onze aandacht gevestigd op leuke kajaktripjes en we besluiten een 5-daagse kajaktrip te boeken. Deze vertrekt de volgende dag al om 7:00 u, dus veel van Pokhara zullen we niet zien. We kiezen voor een tocht op de Lower Kali Gandaki rivier, omdat deze door een gebied gaat waar geen andere organisaties komen en er zijn ook haast geen wegen in het gebied. Hierdoor heeft de bevolking weinig tot geen contact met buitenlanders gehad en kunnen we dus een stuk van het echte Nepal zien, èn natuurlijk vette rapids varen! 's Avonds zitten we gezellig met Ross en Cleo in een restaurant/kroegje tot we eruit geveegd worden.
 

Joep trekt bekijks in kajaktenue
De volgende ochtend ontmoeten we onze mede-kajakkers: Heather en Buddy uit de USA en Sean Kez, een stelletje uit de UK, of nee, Wales. Aangekomen bij de rivier helpen we eerst mee het support vlot op te bouwen, spullen aan boord te brengen en onze kajaks in orde te maken. En dan maken we onze eerste kajak meters. We leren een self-rescue (hoe je jezelf uit je kajak kan bevrijden als je omkiept) en een T-rescue (hoe je met hulp van een ander jezelf weer overeind kan krijgen, zonder dat je kajak vol water loopt).  
Eco-toilet op het strand!
Tijdens een van deze acties krijgt Joep helaas een flinke stoot van een kajak in zijn gezicht.             's Avonds wordt het kamp opgemaakt en krijgen we een heerlijke maaltijd voorgeschoteld. Nog even is er paniek als het support-raft afgedreven blijkt te zijn. Na wat rennen, zoeken en zwemmen in het donker is het raft weer terug en wordt nu wel goed vastgelegd.
's Morgens plonsen we weer het water in
's Morgens beginnen we met een turbostart: met de kajak van de hoge oever afglijden, zo het water in. We peddelen er op los en oefenen nog een type redding: de rol. Bij de rol zwaai je jezelf met behulp van je peddel weer overeind als je omkiept. Joep's eerste poging eindigt met zijn arm uit de kom; zeer pijnlijk! Voor Joep dus even geen rol meer. Om de beurt oefent de rest de rol op de rustige, diepe stukken. Onderweg komen we veel locals tegen die allemaal zwaaien en ´Hello!´ roepen. De kinderen rennen of zwemmen vaak een heel stuk mee. Regelmatig komen er ook locals bij onze kampeerplekken kijken. 
Toeschouwers vanaf de kant
Ze zijn erg benieuwd naar ons en komen voorzichtig een praatje maken (al verstaan we elkaar vaak helemaal niet). Erg leuk, want het zijn allemaal aardige mensen. Na een lange, tweede dag vinden we een mooi strandje om te kamperen. Via de lokale bevolking is er zelfs een pilsje verkrijgbaar. Dat smaakt erg goed na een dag peddelen. Ook krijgen we een luxe toetje; gepaneerde en gefrituurde banaan. Jummie! Joep en Sean zorgen weer voor een mooi kampvuurtje. 
Opa en kleinzoon komen een theetje drinken
Bij het opstaan de derde dag begint iedereen al rare geluiden te maken; auwwkraawaiaiauaa. De spiertjes beginnen al aardig stram te worden en het slapen op schuimmatjes van 1 cm dikte helpt daar ook niet veel bij. Gelukkig hebben wij onze eigen thermarest-matjes van een goede 7 cm dikte bij ons!
Joep's schouder voelt weer beter aan, dus hij probeert vandaag weer voorzichtig de rol. Deze gaat direct goed! En het kost helemaal niet veel kracht wanneer je de techniek goed uitvoert. Ook bij Angélique lukt het vandaag meteen bij de eerste poging. Het is goed warm en zonnig, dus gelukkig valt iedereen af en toe uit zijn kajak om af te koelen (behalve Angélique, die lijkt wel vastgelijmd in haar kajak!). 
Ons kampje aan het water
's Avonds is het weer hetzelfde liedje: supermooi strandje, gezellig kampvuur, lekker eten en relaxte muziek uit een MP3 speler met boxje; erg gezellig dus! Op dag vier is het energiepeil algemeen laag en niemand heeft echt veel zin om rolls te oefenen of andere zware dingen uit te proberen. Ook de rapids (stroomversnellingen) zijn vandaag mild en het is een relaxte, maar mooie dag. Op het menu staat vanavond een Nepalese maaltijd met rijst en thali en als toetje een chocolade brownie! Hoe ze die nu weer geregeld hebben, is ons een raadsel.
De laatste dag! Tijdens onze warming-up doen de kinderen aan de overkant van de rivier ons na, wat wij weer erg grappig vinden. Na een paar kleine rapids stappen we uit de kajak om vanaf de kant de volgende rapid te bekijken en uitleg hierover te krijgen. Een 3+! Waauw, moeten we daar doorheen? Joep flipte er weer uit, terwijl Angélique zoiets had van ´oké, krijgen we ook nog een 4?´! Het was wel erg leuk en spannend om met je kleine bootje tegen een golf van twee meter aan te beuken. De zogenaamde Eddy-stromingen tijdens en na de rapids zijn vaak het lastigste, omdat ze je alle kanten optrekken en je uit je koers brengen. 
Toeschouwers bij ons ontbijt
Na een aantal flinke rapids wordt de rivier rustiger en kunnen we weer genieten van de prachtige omgeving. Iedereen is redelijk uitgeput, mede door de hoge temperatuur van een graad of 40 en het peddelen. We zijn daarom allemaal stiekem erg blij om weer voet aan land te kunnen zetten bij het eindpunt van onze tocht. Tijdens de busreis naar Pokhara drinken we nog een biertje met de kajak instructeurs, voordat we weer afscheid van ze nemen. Ze hadden de hele tocht echt goed georganiseerd. 
Kajak-pro's in wording ...
Terug in Pokhara gaan we nog met Shawn en Kez uiteten en onze resterende dag brengen we rustig door met ontbijten, wandelingetje maken, een lange lunch en het bijwerken van het blog.     's Avonds eten we bij een goede pizzeria en drinken een lekker wijntje voordat we de volgende dag in de bus terug naar Kathmandu stappen. Hier halen we onze paspoorten met het Chinese visum op, bezoeken de Monkeytempel en kuieren wat door de stad. We stellen ook een postpakketje samen met spullen die we (hopelijk) niet meer nodig hebben en vullen dit aan met souvenirs alvorens het richting Nederland te sturen. Tijd voor onze volgende bestemming.

Namasté (gegroet) Nepal. We think we will be back ...!

zondag 22 april 2012

Grote beer, kleine beer en een op hol geslagen neushoorn


Klimmen in Kathmandu!
Na de trekking doen we het in Kathmandu een paar dagen rustig aan. We spenderen de tijd onder andere met het regelen van een Chinees visum en we maken schandalig misbruik van het aanbod aan Westers eten (een zeer culinair patatje oorlog, grootmoeders appeltaart, Italiaanse pizza en zelfs bruine broodjes met kaas!). De eerste poging om het visum aan te vragen, verloopt zeer bijzonder. De ambassade is welgeteld een uur en een kwartier open, dus als we door de beveiliging zijn, staan we met zo´n 30 andere mensen braaf te wachten tot er beweging komt achter het loket. Niemand te bekennen! Een kwartier voor ´sluitingstijd´ meldt iemand dat het een Chinese feestdag is... dus iedereen kan weer aftaaien. Het meest bijzondere van dit tafereel is dat de medewerkers buiten het loket (zoals de beveiligers) ook van niets wisten. Die behoren tot een lagere kaste zeker? Tijdens onze wandeling door toeristenwijk Thamel ontdekken we de kleine Astrek klim- en boulderhal. Snel terug naar het hotel dus om de klimschoentjes onder het stof uit te halen! We hebben niet heel veel vertrouwen in het gammele klimwandje, maar kunnen ons toch even uitleven (Angélique had zelfs spierpijn in de armpjes de volgende dag).

Dorpskindjes
Na een tweede bezoek aan de ambassade boeken we onze vlucht naar Chengdu, China. Omdat we snel weer de drukte van Kathmandu willen ontvluchten, vertrekken we de volgende dag per bus naar het Chitwan National Park. Nadat we ons zes uur later in het hotel gesettled hebben, worden we per jeep naar een klein Nepalees dorpje gebracht en bezoeken daarna een olifantenboerderij. Hier zien we naast twintig big-mamma olifanten ook een babyolifantje van een maand oud rondrennen. Heel schattig. Na het avondeten worden we getrakteerd op een traditionele stokkendans en een gigantische, dansende pauw (leuk voor de Vasteloavend).

Varen tussen de krokodillen
´s Morgens schrikken we wakker van een stevige onweersbui. Gelukkig kunnen we even later toch met Sally (UK) en Jenny (Borneo) in een lange, smalle, houten kano stappen. Al varend zien we een aantal krokodillen in het water liggen en er vliegen kleurrijke vlinders en vogeltjes, waaronder de Kingfisher (jaja, we herkennen ´m van de Gambiaanse bierflesjes :) !). Dan is het tijd voor het echte werk; we stappen uit de kano om door de jungle te gaan lopen. Onze gids brieft ons dat we -als er neushoorns achter ons aan komen- ons achter dikke bomen moeten verstoppen. En we mogen niet in de bosjes plassen, zonder dat hij de boel veilig heeft verklaard (vorige week is een plassende jongen nog door een beer met jongen aangevallen). 
Jungleman
Dat belooft wat! Al snel staan we oog in oog met... ´wild chickens´, ´wild peacocks´ en ´spotted deers´. De gids vindt het maar gek dat we geen foto´s van de kippen nemen. Als we eindelijk een neushoorn zien (naja, een grijze vlek verderop in de bosjes) stijgt de spanning en knielt iedereen stilletjes op de grond. Wanneer de grijze vlek opeens in beweging komt, sprinten de gidsen in paniek allemaal een andere kant op! Lekker dan. Gelukkig is het vals alarm en de neushoorn heeft zich alweer uit de voeten gemaakt. Nadat we met het bootje weer zijn teruggevaren, zien we de olifanten badderen in de rivier. Een dikke Chinees die bovenop zit, schreeuwt de longen uit zijn lijf. Een interessant tafereel. Na een paar uurtjes relaxen, stappen we in een jeep om door de jungle te gaan rijden. Na de bekende huis-tuin- en keukendieren, rent er een zwarte beer met twee jongen op de rug voorbij. Waauw! Even later zien we nóg een zwarte beer. Supergaaf! Dan komen we ook nog twee neushoorns tegen, waarvan er een boos achter de jeep aanrent. De chauffeur krijgt bijna een hartverzakking, en in de tussentijd kijken wij onze ogen uit. Wat een oer-dier! Na nog een bezoek aan een gavialen broedcentrum (die sufferds liggen allemaal te slapen in het water) rijden we weer terug en moeten in een hevige onweersbui de rivier oversteken per kano. Dit is iets minder prettig, want we staan op een open vlakte en de blimsemschichten vliegen ons om de oren. Het was in ieder geval een spannend dagje!

Jungle taxi in aantocht
De volgende ochtend vertrekken we om 6u15 om op een olifant door de ontwakende jungle te trekken. De dieren zijn niet bang van olifanten en rennen dan ook niet weg, ook al zitten er mensen bovenop. Al snel zien we een grote groep herten en ze blijven inderdaad rustig staan eten. Best gek om ze van zo dichtbij te zien en horen. De geweien zijn echt gigantisch, ongelofelijk dat zoiets ieder jaar nieuw aangroeit. Het hoogtepunt is een neushoorn die in een rivier staat de badderen. Ook deze blijft braaf staan en kunnen we dus van 10 meter afstand bewonderen. Als we bij het afscheid een fooi willen geven aan het baasje van onze olifant, neemt de olifant het papiergeld met zijn slurf aan om het aan zijn baasje te overhandigen. En daarna zwaait hij ons gedag met zijn slurf. Haije, Nepalese circusolifant!

Fietsen zijn we nog niet verleerd
De omgeving van Chitwan is vlak, dus ´s middags huren we in het dorp fietsen en rijden door kleine plattelandsdorpjes naar het ´20.000 lakes park´. Volgens de militairen die in alle parken de wacht houden, zitten er ook tijgers, neushoorns en beren in dit park. Maar nee hoor, het is helemaal geen probleem om er doorheen te fietsen (?!). Een lichtelijk nerveuze Angélique, die opeens overal een tijger ziet staan, fietst achter Joep aan. Gelukkig komen we ook een aantal locals op de fiets tegen die er erg relaxed uitzien. We rijden door een mooi bos met veel beekjes en meertjes. Het enige wilde dier dat we hier spotten is een krokedil. Joep probeert deze tot actie aan te manen, maar zelfs na een welgemikte worp van een steen, geeft het dier geen kick. Saai. Maar het is erg leuk om op de fiets de omgeving te verkennen.

Hollandse Dal Bath
De volgende dag nemen we afscheid van Chitwan en stappen we in de bus naar Pokhara. Hoewel we in een korte tijd veel gezien en gedaan hebben, vinden we het stiekem wel een beetje jammer dat we geen tijger hebben gezien.

maandag 16 april 2012

In de Himalaya onze eerste 5000er bedwongen!


Ieder plekje van de bus wordt benut
We zijn klaar om aan onze trektocht te beginnen! Om 6u45 springen we in de taxi, want om 7u00 vertrekt onze bus. Tijdens de rit komen we er achter dat Nepal een kwartier tijdsverschil heeft met India. En dat we dus al te laat zijn voor onze bus! Als we om 7u10 bij het busstation arriveren, springt Angélique snel uit de taxi om te vragen of de bus er nog is. Met strenge toon wordt medegedeeld dat we te laat zijn... maar de bus is er nog! De rit is ongelofelijk mooi (en eng); regelmatig is er geen asfalt en de bergwegen zijn erg smal en bochtig. Onze reistabletjes doen hun werk gelukkig goed (maar liefst vier mensen moeten overgeven in de bus). Behalve in het gangpad, zitten er ook op het dak mensen (en kippen); we zien hun voeten gezellig voor het raam bungelen. In Syabrubesi vinden we een klein guesthouse en hier ontmoeten we Naama, een Israelische die alleen door Nepal aan het reizen is.

Na een gezellige avond, beginnen we de volgende ochtend aan onze trekking. 

Uitzicht bij Syabru Besi
We volgen een rivier, die door een dichtbegroeid bergbos vloeit. Hier en daar zien we aapjes door de bomen slingeren. Na een pittige eerste wandeldag komen we ´s middags aan in Rimche (2400m). 
De yaks aan het werk op het land
Ons guesthouse heeft zelfs een warme Solar-douche waar we dankbaar gebruik van maken na deze warme dag. ´s Avonds buurten we met de andere gasten, waaronder een groep van zeven Nederlandse mannen die de tocht naar boven al hebben gemaakt. De volgende dag gaat de wandeling door bossen met loslopende yaks en in de verte kijken we uit op prachtige, besneeuwde pieken. Onderweg zien we veel dragers lopen die op hun slippertjes enorme ladingen hout en voedsel naar boven slepen. Ook de ezeltjes zijn goed beladen. Daar zijn onze backpacks niets bij.


In de keuken van het guesthouse
In de namiddag vinden we bij Langtang (3300m) een eenvoudig guesthouse, waar we wellicht iets te snel ´ja´ hebben gezegd tegen de vriendelijke eigenaar. Onze kamer had bijvoorbeeld geen deur, maar een gordijn. En op de vraag: ´Where´s the toilet?´ kwam het antwoord ´Everywhere is toilet!´. Hmmm... Ter demonstratie zien we even later het jongste zoontje vanuit de deuropening naar buiten plassen. Maar het arme boerengezin is zo vriendelijk, dat we het toch goed naar onze zin hebben. Tegen de avond begint het nog flink te onweren en we krijgen een mooie lichtshow in het huisje dat van alle kanten van ramen is voorzien.

Een drager met een loodzware balk

´s Morgens kruipen de twee zoontjes van het boerengezin net zo vettig als ze in bed zijn gestopt (met vieze snoet en kleren en al!) weer uit bed. Een erg grappig gezicht. Na een stevig ontbijt met Tibetaans brood en omelet vertrekken we naar Kyanjin Gompa (3800m). Al snel laten we de bossen achter ons en lopen we de sneeuwpieken tegemoet. Na de nodige stops bij Nepalese tea houses, komen we tegen lunchtijd aan in Kyanjin Gompa en kiezen voor het Lovely Guesthouse.

Het viewpoint bij Kyanjin Gompa
De eigenaar is een goede gids en adviseert ons vriendelijk en overtuigend dat ons plan om over de Ganjala pas (5200m) te trekken niet mogelijk is. Er ligt nog te veel sneeuw en er is lawine gevaar. We maken een plan B en besluiten om de Tsergo Ri (4984m) via de oostkant te beklimmen, en de dag erna de Yala peak (5500m) te doen. Dan kunnen we toch twee nachten kamperen, zodat we de tent en het eten niet voor niets hebben meegesleept. Omdat het nog vroeg is, klimmen we nog naar het uitzichtspunt (4700m) om beter te acclimatiseren. Het uitzicht daar is geweldig; vanonder de Tibetaanse gebedsvlaggen kijken we uit over drie gletsjers en bergen van dik 7000 meter!

Ingesneeuwd wakker worden!


We vertrekken de volgende dag rond de middag voor een flinke klim, maar worden al snel door een supergrote steenman op het verkeerde spoor gebracht. Zo lopen we opeens over een berghelling tussen de plantjes. We weten vrijwel zeker dat het pad boven ons zit, maar we zien het niet. Wanneer het dan ook nog dicht trekt en de eerste sneeuwvlokken naar beneden dwarrelen, zoeken we een klein plateautje. De tent staat zo en ons kampje op 4400 meter is klaar voor de nacht. Na het eten begint het te onweren en ondertussen valt er een flink pak sneeuw. Na een koude nacht, maken we ´s morgens een lekker, warm ontbijtje met het brandertje dat we mogen lenen van het Lovely guesthouse. 
Het uitzicht maakt ons erg nietig
Tijdens het opruimen daarna slaat het noodlot toe... Het gasflesje rolt van de berg af: stuiter, stuiter... en zeker 100m lager komt het tot stilstand. Damn. Joep heeft het flesje weer gerepatrieërd; een goeie warming-up zullen we maar zeggen. Na wat zoeken vinden we het juiste pad weer (lag zoals verwacht boven ons). Door de sneeuw is het pad echter niet eenvoudig te volgen en de talloze steenmannen lijken willekeurig neergezet te zijn. Nadat we een alternatief pad vinden, besluiten we vandaag al de Yala peak te proberen en morgen terug te gaan. 
De Tsergo Ri is toch een stuk lager en minder uitdagend, omdat het meer een wandelberg is. 
Op de top van Yala peak, of zoiets


We zoeken onze weg omhoog via een oude gletsjer murene en na een heftige klautersessie staan we op de top van onze eerste 5000er! Yes! De hoogtemeter geeft 5050m aan, waaruit blijkt dat het dus niet de Yala peak is, die moet iets meer links van ons liggen. Maar we vinden het wel goed. Het uitzicht is fenomenaal; we kunnen zelfs de Gosainthān (8013m) zien liggen in Tibet. Na een kwartier op de top beginnen we aan de afdaling. Onderweg wordt Angélique een beetje misselijk (waarschijnlijk een beetje hoogteziek van de snelle klim naar de top) en even later spuwt ze de energieboost-Snicker uit; dat lucht gelukkig op. Tegen de avond maken we ons kampje op in een oude yakhut (4300m) en we eten spaghetti met sardientjes in tomatensaus en drinken warme melk.
´s Morgens opwarmen in de zon
De volgende ochtend moeten we eerst even opwarmen in de zon en dan vervolgen we onze weg naar Kianjin Gompa. Na een kop koffie bij het guesthouse, lopen we helemaal terug naar Rimche. Dit bleek een beetje te opportunistisch en ´s avonds hebben we dan ook stijve spieren en blaren. Het is weer een gezellige boel in het guesthouse en we ontmoeten een Canadees die in München woont. Na wat gepraat, besluiten we om na onze reis in München te gaan wonen. Dicht bij de bergen, dicht bij Italië en toch ook dicht bij huis. 
Onderweg naar Briddim
Na een goede nachtrust zetten we onze tocht voort met de Tamang Heritage Trail. Dit stuk van Nepal is pas drie jaar opengesteld voor toerisme, omdat het aan Tibet grenst en vele Tibetaanse vluchtelingen herbergt.We komen op dit traject –waar de Rhodendendrons allemaal volop in bloei staan- vrijwel niemand tegen, alleen in de kleine dorpjes ontmoeten we locals. Erg authentiek allemaal.
In de keuken van het guesthouse


We vinden een Tibetaans guesthouse in het bergdorpje Briddim. In een veldje zien we die middag een groep mensen bij een grote brandstapel; er vindt een crematie ceremonie plaats. Er zijn in korte tijd een paar mensen aan TBC overleden. Het nadeel van de bergdorpen is, dat ze erg afgelegen liggen en dus bijna geen toegang hebben tot artsen... Tijdens het avondeten worden we getrakteerd op een potje geesten verjagen door de dorpsgoeroe! Nadat we buiten veel kabaal en geschreeuw horen, komt hij het guesthouse binnengerend met een verwilderde blik. Hij lijkt wel in trance. Vervolgens gooit hij binnen wat stenen in het rond. Het ritueel heeft te maken met de crematie en het wegjagen van de kwade geesten. Kortom: een spannend einde van de avond.
Schattige kindjes in Timure

De volgende dag lopen we naar het dorpje Timure, dat vlak bij de Tibetaanse grens ligt. Helaas moeten we het laatste stuk langs een lelijke weg lopen die wordt aangelegd door de Chinezen. In Timure aangekomen, besluiten we om terug te lopen naar Syabru Besi. We vinden dat we wel even genoeg hebben gelopen en onze voeten beginnen tegen te sputteren. Daar aangekomen regelen we een jeep terug naar Kathmandu voor de volgende dag, die we delen met een Israelisch stelletje. In ons hotel hebben we een leuke avond met een stel uit Baskenland (nee, niet Spanje J). De volgende dag rijden we in een mooie Toyota Landcruiser terug naar Kathmandu en we verbazen ons erover dat we deze ontzettend slechte weg al eens met een bus hebben afgelegd. Onderweg zijn we in een dorpje nog getuige van een slang die bruut met stenen en stokken gedood wordt door bange dorpelingen die in het rond springen. Ok, zo gaat dat hier dus. Rond de middag zijn we weer terug in Kathmandu en kijken we moe, maar voldaan terug op een prachtige trekking!

Foto´s van Nepal

woensdag 4 april 2012

Poepende treinspotters en roze paspoorten


Drukte op Main Bazaar in Delhi
Met een lokale bus vertrekken we uit Pushkar naar het treinstation in Ajmer. Onderweg krijgen we van een ouder stel nootjes aangeboden aan een groene tak. Best lekker. De groene tak wordt uit het raam gegooid; dat is voor de koeien. Bij het treinstation is het ontzettend druk, dus we laten onze backpacks hier achter en gaan ergens lunchen, lezen en relaxen.
´s Avonds stappen we in de nachttrein naar New Delhi en in het donker rijden we richting het noorden. Wanneer Joep om 02u00 wakker wordt, merkt hij dat zijn rugzakje er niet meer is. Shit! Meteen rent hij de trein door en checkt alle hoeken en gaten. Natuurlijk is er van de rugzak niets meer te bekennen. Van slapen komt vervolgens niet veel meer terecht: onze paspoorten, Joep´s rijbewijs, geld (we hadden net de motor verkocht...), camera, telefoon... alles foetsie! Tegen we morgen komt de trein aan in Delhi. Het laatste stuk rijden we langs de krottenwijken en we zien overal mensen poepen langs het spoor, open en bloot, zonder enige gêne (en met het gezicht naar de trein!).
Na aankomst laten we meteen een politierapport opmaken. Hier vragen ze ons met lichte dwang om de spullen als `lost´ op te geven, zodat ze geen moeilijk rapport hoeven op te stellen. We moeten praten als brugman om `stolen´ op het papiertje te krijgen. Ondertussen is het een komen en gaan van gedupeerden;diefstal in de trein is hier orde van de dag. De zes passieve agenten die op het kantoortje rondhangen, kunnen ze misschien beter in de treinen laten patrouilleren?


Onze blitse, nieuwe noodpaspoorten
Een kleine drie uur laten springen we in de taxi naar de Nederlandse Ambassade, waar we snel en vriendelijk worden geholpen. ´s Middags om 16u kunnen we hier ons (knalroze!!) noodpaspoort al ophalen! In de Main Bazaar van New Delhi vinden we een fijn hotel. Hebben we wel even verdiend vinden we, even bijkomen! De volgende dag bezoeken we het chaotische Foreigners Regional Registration Office om een India exit visum in ons paspoort te krijgen, anders mogen we niet weg. Nadat we de nodige tijd in de rij hebben gestaan, de chaos hebben bekeken en van loketje naar loketje zijn gestuurd met onze papperassen, kunnen we weer in de riksja stappen. De volgende dag mogen we om 14u terugkomen; dan ligt het nieuwe visum klaar. Dit gaat eigenlijk best wel van een leien dakje allemaal! Terug bij het hotel zoeken we ons een vlucht uit naar Kathmandu (en boeken deze met/zonder werkend bankpasje: bedankt hulplijn Christel!). We hebben zin om te gaan genieten van de rust en natuur van Nepal. India was een zeer intensieve ervaring, maar dit maakt het ook erg vermoeiend.
 
De riksja´s banen zich een weg
door de meute in Delhi
Twee dagen later brengt een dronken taxichauffeur ons ´s morgens naar de luchthaven. Hier worden we verwelkomt door een enorm belangrijke (vindt hij zelf) man-in-pak, die achterover hangend in zijn stoel onze roze paspoorten met scheve ogen bekijkt. We vragen ons af waarom ze die noodpaspoorten roze maken, want ze zien er ook niet echt heel officiëel uit...
 Dan verlaten we de Indiase bodem en gaan we de lucht in; op naar Kathmandu! Hier aangekomen regelen we het visum en delen dan een taxi naar het toeristenhol Thamel. Hier stikt het werkelijk van de outdoorwinkeltjes met namaakspul van alle bekende merken. Ook is er overal Westers eten te krijgen. Na al die vegetarische weken in India, genieten we die avond dan ook van een overheerlijke Chateaubriand met rode wijn en een Kahlua koffie na.

De wijk Thamel in Kathmandu
We besluiten dat we de Langtang trekking willen gaan doen, ten noorden van Kathmandu. Omdat dit ons tot grote hoogte gaat brengen (en omdat Joep wat spullen kwijt is), geeft dit ons een vrijwaring om te gaan winkelen. Nadat we ons trekkingspermit hebben gehaald, duiken we dan ook de vele winkeltjes in en laten we overal onze onderhandelingsskills los op de verkopers. Aan het einde van de dag zijn we dan ook een paar warme (en zeer sexy) fleecebroeken, een donsbodywarmer voor Joep, een donsjas voor Angélique, twee paar wandelstokken, een zonnebril en een paar Langtang trekkingkaarten rijker. ´s Avonds vinden we een gezellige binnentuin met Nepalese live-muziek en eten hier heerlijke nacho´s en hamburgers. We zijn klaar voor de Himalaya!